Hoofdmenu

Pauze

“Mag ik daar op?”, zegt ze wijzend naar een trekker die bij een boerderij staat. Alsof het voor een tweejarige de normaalste zaak van de wereld is om even op een trekker te zitten. “Nee joh”, zeg ik, “we fietsen door”. “Gaan we naar het zwembad?”, luidt haar volgende vraag die ik wel logisch vind ook al is het pas half negen in de ochtend. “Dit is wel de weg naar het zwembad, hè. Dat heb je goed. Nee, we gaan naar het bos”, antwoord ik. “Ik wil niet naar het bos. Daar is de wolf”, zegt ze met een angstig stemmetje. “Ach meissie, in het bos is echt geen wolf”, probeer ik haar gerust te stellen. Maar ik begrijp haar reactie wel en voeg eraan toe: “Alleen in het verhaal van Roodkapje woont de wolf in het bos.” Ik had graag aan haar gezicht willen zien of mijn antwoord voldoende was om haar angst de kop in te drukken maar ze zit bij me achterop en ik heb er totaal geen zicht op.
Ik sla rechtsaf de Monumentenweg in. “Hier gaan we ook naar het zwembad toe”, zegt ze een stuk opgewekter dan even daarvoor. We rijden door het bos en houden zoals beloofd bij het eerste bankje even pauze. Ik haal een flesje sap voor haar uit de tas dat ze gretig aan haar mond zet. Zelf neem ik een paar slokken water. De zon schijnt al krachtig door de toppen van de bomen. Van meerdere kanten horen we vogels zingen. We zeggen even niets tegen elkaar en kijken alleen maar wat rond. “Dat is een mooi plekje om even pauze te houden, hè?”, zegt een vrouw die met een teckel aan de lijn langzaam voorbij fietst. Ik antwoord bevestigend. Pauze. Dat is wat de onbekende mevrouw die ik op Hemelvaartsdag op de rommelmarkt sprak, ook nodig had, flitst er door mijn hoofd. Ze zat op een stoel aan de kant van de weg dichtbij de plek waar wij onze fietsen hadden staan. Toen we net op het zadel zaten en startklaar stonden om naar huis te gaan, zei ze tegen onze meiden: “Je moet eerst een liedje zingen als je er door wil.” Twee verontwaardigde blikken richtten zich op mij. Ik maakte een gebaar dat dat echt niet nodig was en raakte aan de praat met de vrouw op de stoel die duidelijk gekocht was op de rommelmarkt. “Mijn man is even de auto halen”, verklaarde ze haar houding om er meteen aan toe te voegen: “Wat is het hier trouwens mooi. Een heel leuk dorpje, zeg.” We praatten wat en ik raakte nieuwsgierig naar haar woonplaats. Ze woonde in de buurt van Deventer. “Daar is het toch ook mooi”, zei ik. Dat is het ook, vertelde ze. Maar het werd er almaar drukker door de komst van een museum. “We willen graag verhuizen. Een boerderijtje of zo. Daar langs de golfbaan staat ook nog een huis te koop, zagen we straks.” Ze was duidelijk op zoek en in een paar uur verliefd geworden op deze omgeving. Dit bos zou ze zeker ook mooi vinden. Weg uit de drukte. Misschien kom ik haar binnenkort hier nog wel een keer tegen. En anders vast volgend jaar op de rommelmarkt.

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit bericht.

Geef een reactie

NIEUWSGIERIG NAAR WAT IK VOOR JOU KAN BETEKENEN?
Bel of mail gerust voor meer informatie via 06-154 453 41 of info@cbthuisintaal.nl